Vermogenstoets zorgtoeslag 2018

Voor mensen met een laag inkomen en vermogen wordt de premie voor de zorgverzekering gedeeltelijk gecompenseerd via de zorgtoeslag. De zorgtoeslag wordt, nadat je die hebt aangevraagd, uitbetaald door de Belastingdienst/Toeslagen.

Vermogenstoets zorgtoeslag

De vermogenstoets zorgtoeslag werkt heel simpel. Is je vermogen hoger dan het voor de vermogenstoets vastgestelde bedrag, dan heb je geen recht op zorgtoeslag. Is je vermogen lager dan de vermogenstoets, dan ligt het aan de hoogte van je inkomen of je recht hebt op zorgtoeslag. Naarmate je inkomen lager is, ontvang je meer zorgtoeslag.

Voor 2018 is de vermogenstoets zorgtoeslag door Minister voor Medische Zorg Bruins vastgesteld op het heffingvrij vermogen plus € 83.415. Het heffingvrij vermogen is het deel van het vermogen waarover in box 3 (inkomen uit sparen en beleggen) geen belasting is verschuldigd. Als de belastingplannen voor 2018 ongeschonden door het parlement komen, wordt het heffingvrij vermogen opgetrokken naar € 30.000 (2017: € 25.000) per belastingplichtige.

Het vermogen voor de vermogenstoets zorgtoeslag komt dan voor toeslagpartners op € 60.000 + € 83.415 = € 143.415. Voor hen is het gezamenlijke vermogen in box 3 beslissend.
Heb je geen toeslagpartner? Dan bedraagt het vermogen voor de vermogenstoets zorgtoeslag: € 30.000 + € 83.415 = € 113.415.

LET OP (1): de grens is vlijmscherp!

Beslissend is het vermogen dat op 1 januari 2018 tot de grondslag van het inkomen uit sparen en beleggen (box 3) wordt gerekend. Is dat vermogen € 1 hoger dan de vermogenstoets zorgtoeslag, dan heb je het hele jaar helemaal geen recht op zorgtoeslag.

Box 3

Voor de vermogenstoets zorgtoeslag is je vermogen in box 3 beslissend. In die box zit je spaargeld, je beleggingen, je vakantiewoning, verhuurd onroerend goed, enzovoorts. Uiteraard trek je voor de bepaling van je vermogen de box 3-schulden af van je bezittingen.

Als je vermogen in box 3 het bedrag van de vermogenstoets dreigt te overschrijden, terwijl je op grond van je inkomen wel recht zou hebben op zorgtoeslag, is het zaak om vóór 1 januari 2018 te zorgen voor een lager vermogen in box 3. Hoe je dat het best kunt doen, hangt af van je persoonlijke situatie en voorkeuren.

Het kan door je vermogen weg te geven. Goede doelen zijn er genoeg en als die de ANBI-status hebben, mag je de gift wellicht ook nog aftrekken van je inkomen in box 1. Ook je kinderen kunnen het goede doel zijn, maar dan mag je de schenking niet aftrekken van je inkomen. Let dan ook op de schenkbelasting.

Je kunt ook spullen kopen, die je in box 3 niet hoeft aan te geven. Denk daarbij aan roerende zaken voor persoonlijk gebruik (bijvoorbeeld een auto, boot of caravan, die je zelf gebruikt of kunst die je aan je muur hangt). Box 3 kent een vrijstelling voor groene beleggingen en voor voorwerpen van kunst en wetenschap. Ook bossen en natuurterreinen zijn vrijgesteld in box 3.

Daarnaast kun je vermogen overhevelen van box 3 naar box 2. Dan breng je het vermogen (of een deel ervan) in een BV (of open fonds voor gemene rekening). Of je leent geld aan je BV.

Tot slot kun je vermogen overhevelen van box 3 naar box 1. Dat kan door te investeren in de onderneming of werkzaamheid. Of je stort bedragen in je pensioen- of lijfrenteverzekering.

Het overhevelen van vermogen van box 3 naar box 1 of box 2 mag niet als boxhoppen kwalificeren.

LET OP: huurtoeslag

Ook voor de huurtoeslag geldt een vermogenstoets. Die ligt veel lager dan de vermogenstoets zorgtoeslag.

Om voor huurtoeslag in aanmerking te komen, moet je vermogen in box 3 beneden het heffingvrij vermogen blijven (€ 30.000 of met je fiscaal partner € 60.000). Ook deze grens is vlijmscherp: een vermogen in box 3 van € 1 boven het heffingvrij vermogen betekent dat je voor het hele jaar geen recht hebt op huurtoeslag.

 

Andere artikelen

Afbetaling coronaschulden

Met ingang van oktober 2022 moeten ondernemers hun coronaschulden aflossen aan de Belastingdienst. We zetten de regels die daarbij gelden voor je...

Restwaarde leasefiets

De Staatssecretaris van Financiën heeft in een besluit een goedkeuring gegeven voor de bepaling van de restwaarde van een “leasefiets”.