Lastige beleidskeuzes over box 3

Staatssecretaris van Rij bereidt de kamer in een uitgebreide brief voor op het voor 20 april 2022 geplande commissiedebat over box 3. Het arrest dat de aanleiding is voor dit alles, beschrijven wij in dit artikel.

Het gaat allemaal nog om het verkennen en beschrijven van de mogelijkheden. Definitieve keuzes zijn nog niet gemaakt. Maar uit de brief kan wel worden afgeleid in welke richting de oplossing wordt gezocht.

Uiterste varianten vallen af

De meest eenvoudige beleidsoptie is om alle opbrengst van box 3 van de jaren 2017 tot en met 2022 terug te betalen. Maar dat kost maar liefst € 26,5 miljard. Bovendien krijgen dan de mensen die in de genoemde jaren wel een hoger daadwerkelijk inkomen hadden ook de belasting terug. Deze variant valt daarom af.

Ook de variant waarin bij alle belastingplichtigen het daadwerkelijk behaalde rendement wordt uitgevraagd, valt af. Dit is simpelweg niet uitvoerbaar. De Belastingdienst kan deze enorme hoeveelheid informatie niet verwerken. Maar belastingplichtigen zullen de informatie ook niet altijd kunnen aanleveren, bijvoorbeeld omdat ze geen uitgebreide administratie hoeven bij te houden en voor hen geen bewaarplicht geldt.

Werkelijke vermogensmix

De enige uitvoerbare wijze van rechtsherstel gaat uit van de werkelijke vermogensmix, met een nieuwe forfaitaire berekening van het inkomen uit sparen en beleggen (box 3). Het rechtsherstel kan dan geautomatiseerd plaatsvinden. De Hoge Raad heeft het gebruik van forfaits goedgekeurd, op voorwaarde dat de forfaits aansluiten bij de werkelijkheid.

Van Rij werkt in zijn brief twee varianten uit:

  • de forfaitaire spaarvariant: waarin wordt gewerkt met 3 forfaits (voor spaargeld wordt uitgegaan van de actuele spaarrente – in 2017: 0,25% en in de jaren daarna 0% – voor de overige bezittingen het meerjarige gemiddelde rendement voor beleggingen en voor schulden van de hypotheekrente).
  • de forfaitaire variant voor alle vermogenscategorieën: waarin voor alle rubrieken van de belastingaangifte een forfaitair gemiddeld rendement bepaald.

Doelgroep

Voor de jaren 2021 en 2022 komen alle belastingplichtigen in aanmerking voor compensatie. Voor de jaren 2017 tot en met 2020 hebben alleen belastingplichtigen die tijdig bezwaar hebben gemaakt formeel recht op compensatie. Er moet nog worden beslist of het rechtsherstel ook geldt voor niet-bezwaarmakers.

Wanneer daar niet voor wordt gekozen, hebben niet-bezwaarmakers de mogelijkheid om te verzoeken om ambtshalve teruggaaf van belasting. De verwachting is dat deze verzoeken massaal zullen worden ingediend wanneer de politiek er niet voor kiest om aan iedereen het rechtsherstel te bieden.

Wij zijn benieuwd

Natuurlijk zijn wij er heel benieuwd naar wat de uitkomsten zijn van het politieke proces. Vooralsnog is het niet zinvol om actie te ondernemen. De deadline voor het indienen van een verzoek om ambtshalve vermindering met betrekking tot het jaar 2017 is immers 31 december 2022.

Meer informatie over deze problematiek vind je in deze artikelen: Aangifte inkomstenbelasting 2021 en box 3 en Even geen aanslagen met box 3

Andere artikelen

Afbetaling coronaschulden

Met ingang van oktober 2022 moeten ondernemers hun coronaschulden aflossen aan de Belastingdienst. We zetten de regels die daarbij gelden voor je...

Restwaarde leasefiets

De Staatssecretaris van Financiën heeft in een besluit een goedkeuring gegeven voor de bepaling van de restwaarde van een “leasefiets”.

De belastingplannen voor 2023

Welke belangrijke fiscale voorstellen kwamen op Prinsjesdag 2022 uit het koffertje van minister Kaag van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste voor...