Geen “doorkijk-benadering” bij waardering certificaten?

De Advocaat-Generaal (A-G) bij de Hoge Raad heeft geconcludeerd dat de “doorkijk-benadering” niet mag worden gehanteerd in het kader van de waardering van certificaten van aandelen.

De zaak

De zaak betreft een vader die certificaten van aandelen in een BV schenkt aan zijn dochter. Die is over de verkregen schenking uiteraard schenkbelasting verschuldigd en in dat kader moet de waarde van de verkregen certificaten worden bepaald. Tot het vermogen van de BV hoort een vastgoedportefeuille, die voornamelijk bestaat uit verhuurde woningen.

Waarderingsregels

Wanneer de dochter niet de certificaten van aandelen in de BV, maar de (verhuurde) woningen van haar vader geschonken had gekregen, zou de waardering van de schenking hebben plaatsgevonden met de volgende in de Successiewet opgenomen forfaitaire waarderingsregels (waarmee vaak tot een lagere waarde wordt gekomen dan de getaxeerde waarde in het economisch verkeer):

  • WOZ-waarde (in het kader van de erf- en schenkbelasting verkregen onroerende zaken, die in gebruik zijn als woning, moeten worden gewaardeerd op de WOZ-waarde van het jaar van verkrijging of het daarop volgende jaar);
  • leegwaarderatio (ten aanzien van woningen die met huurbescherming worden verhuurd, mag rekening worden gehouden met een lagere waarde).

De dochter past deze waarderingsregels toe bij de waardering van de door haar verkregen certificaten van aandelen. Zij doet daarbij een beroep op de zogeheten doorkijk-benadering. Die benadering houdt in dat door de (certificaten van) aandelen heen moet worden gekeken en moet worden gewaardeerd alsof zij niet deze certificaten, maar de (verhuurde) woningen heeft verkregen.

De A-G gaat daar niet in mee. Hoewel de A-G van mening is dat WOZ-waarden en leegwaarderatio’s een praktisch hulpmiddel kunnen zijn bij de waardering van aandelen in een vastgoedvennootschap, mogen bepalingen met ficties en forfaits niet extensief worden uitgelegd.

Uiteraard is het eindoordeel nu aan de Hoge Raad. Eerdere uitspraken over de doorkijk-benadering lijken er, naar ons idee, niet op te duiden dat de Hoge Raad het advies van de A-G naast zich neer zal leggen.

Inhaltsübersicht