Fiscale eenheid Vpb verbreken?

20151109_verbreking_FE_VPB_VWGNijhof

Een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting (Vpb) verbreken, kan op verzoek. Dit verzoek werkt echter niet terug. Als de verbreking gelijktijdig met de start van een nieuwe boekjaar (voor veel vennootschappen is dat op 1 januari 2016) geëffectueerd moet zijn, moet het verzoek vóór die datum door de Belastingdienst zijn ontvangen. Als de fiscale eenheid in de loop van het boekjaar wordt verbroken, ontstaan afzonderlijke aangiftejaren, met extra administratieve lasten. Het verzoek hoeft niet de verbreking van de totale fiscale eenheid te betreffen, maar kan ook om één of enkele leden van de fiscale eenheid gaan
LET OP: het verbreken van de fiscale eenheid kan als gevolg hebben dat sanctiebepalingen in werking treden, waardoor vennootschapsbelasting moet worden betaald.

Het verbreken van de fiscale eenheid Vpb kan voordeel opleveren doordat de resultaten van de tot de fiscale eenheid behorende vennootschappen niet langer op één hoop worden gegooid:
– zo geldt dan per afzonderlijke vennootschap het tariefopstapje (tot € 200.000 wordt het belastbaar bedrag belast tegen een tarief van 20%; daarboven geldt een tarief van 25%);
– de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek wordt per afzonderlijke vennootschap berekend;
– de onderdelen van de fiscale eenheid zijn niet langer hoofdelijk aansprakelijk voor de vennootschapsbelastingschulden van de fiscale eenheid.

Maar na het verbreken van de fiscale eenheid moet elke afzonderlijke vennootschap aangifte vennootschapsbelasting doen, kunnen verliezen van de ene vennootschap niet met de winsten van de ander worden verrekend en worden boekwinsten behaald op onderlinge transacties belast.

Als u een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting tot stand wilt brengen, geldt wel een (beperkte) terugwerkende kracht. Het verzoek tot voeging van vennootschappen in een fiscale eenheid moet worden gedaan binnen 3 maanden na de beoogde voegingsdatum. Een verzoek tot voeging per 1 januari 2016 moet derhalve uiterlijk 31 maart 2016 door de Belastingdienst zijn ontvangen.

Een fiscale eenheid voor de BTW kan niet op verzoek worden verbroken. Zo lang aan de voor de fiscale eenheid BTW geldende voorwaarden wordt voldaan, blijft de fiscale eenheid in stand. Als verbreking van de fiscale eenheid BTW gewenst is, moet worden onderzocht of de situatie zodanig kan worden gewijzigd dat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden.

Andere artikelen

Afbetaling coronaschulden

Met ingang van oktober 2022 moeten ondernemers hun coronaschulden aflossen aan de Belastingdienst. We zetten de regels die daarbij gelden voor je...

Restwaarde leasefiets

De Staatssecretaris van Financiën heeft in een besluit een goedkeuring gegeven voor de bepaling van de restwaarde van een “leasefiets”.

De belastingplannen voor 2023

Welke belangrijke fiscale voorstellen kwamen op Prinsjesdag 2022 uit het koffertje van minister Kaag van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste voor...