Selecteer een pagina

Baangerelateerde investeringskorting (BIK)

Op Prinsjesdag heeft het Kabinet de Baangerelateerde investeringskorting (BIK) aangekondigd.

Een dag na het verschijnen van dit artikel is de BIK toegevoegd aan het wetsvoorstel Belastingplan 2021. Zie ons artikel Voorstel BIK ingediend.

In een brief van 28 mei 2021 heeft de Staatssecretaris van Financiën laten weten dat het wetsvoorstel waarin de BIK zou worden geregeld, is ingetrokken.
De BIK wordt derhalve definitief NIET ingevoerd.

Vanaf 1 oktober 2020

De regeling zal gelden ten aanzien van investeringsverplichtingen die op of na 1 oktober 2020 zijn aangegaan. Het wetsvoorstel ligt echter nog voor advies bij de Raad van State. De exacte inhoud van de regeling is dan ook nog niet bekend. We moeten het op dit moment doen met wat Staatssecretaris Vijlbrief in een brief aan de Kamer over de regeling schrijft.

Nieuwe investeringen

De regeling richt zich op nieuwe investeringen in bedrijfsmiddelen. De investeringen moeten in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022 volledig zijn betaald. En ze moeten binnen 6 maanden na volledige betaling in gebruik zijn genomen.

De regeling is bedoeld als prikkel voor nieuwe investeringen in de jaren 2021 en 2022, ter bestrijding van de economische crisis die is ontstaan door het coronavirus. Na 2022 zal het budget worden ingezet voor een regeling met een soortgelijk doel, zijnde: het verlagen van de werkgeverskosten.

Korting op de loonheffing

De tegemoetkoming krijgt de vorm van een afdrachtkorting op de loonheffing. Bedrijven die geen (of weinig) werknemers in dienst hebben, profiteren daardoor niet (of slechts beperkt) van de korting.

Het Kabinet kiest er expliciet voor dat naast de BIK ook kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA), energie-investeringsaftrek (EIA), milieu-investeringsaftrek (MIA) en willekeurige afschrijving milieu-investeringen (vamil) kan worden genoten. Uiteraard alleen wanneer aan de voorwaarden van die regelingen wordt voldaan.

Andere artikelen