24-01-2019

WW-er mag meer vrijwilligerswerk doen

Vrijwilligers kunnen een belastingvrije (onkosten)vergoeding ontvangen. We leggen deze regeling uit in onze factsheet vrijwilliger. Daarin is de op 1 januari 2019 van kracht geworden verruiming van de fiscale regels verwerkt. Maar er is ook een verruiming van de vrijwilligersregeling in de Werkloosheidswet (WW).

Werkloos

Een voorwaarde voor het recht op een WW-uitkering is dat de uitkeringsgerechtigde beschikbaar is voor het verrichten van arbeid. Hij of zij is daarom slechts beperkt in de gelegenheid om vrijwilligerswerk te doen.

Daarnaast worden vergoedingen die een WW-er uit vrijwilligerswerk ontvangt, gekort op de WW-uitkering. Behalve wanneer de Regeling vrijwilligerswerk in de WW van toepassing is.

ANBI/SBBI

De vrijwilligersregeling in de WW was beperkt tot instellingen met de status van ANBI of van SBBI. ANBI staat voor Algemeen Nut Beogende Instelling. SBBI voor Sociaal Belang Behartigende Instelling. De ANBI-status moet expliciet door de Belastingdienst worden toegekend. ANBI’s worden opgenomen in het door de Belastingdienst bijgehouden ANBI-register. De SBBI-status wordt niet expliciet vastgesteld. Instellingen die twijfelen of ze een SBBI zijn, kunnen dat uiteraard afstemmen met de Belastingdienst.

De fiscale vrijwilligersregeling is ruimer. Ook sportorganisaties en andere instellingen die niet aan heffing van vennootschapsbelasting zijn onderworpen of daarvan zijn vrijgesteld, mogen de vrijwilligersregeling toepassen.

Verruiming

De verruiming van de vrijwilligersregeling in de WW houdt in dat de instelling waar voor wordt gewerkt, naast een ANBI of een SBBI, ook mag zijn: een organisatie of instelling zonder winstoogmerk. Een organisatie of instelling zonder winstoogmerk is niet aan winstbelasting onderworpen of daarvan vrijgesteld.

Het moet gaan om onbetaalde arbeid. En die arbeid moet ook gebruikelijk onbetaald zijn. Voor de bedragen wordt verwezen naar de normen in de vrijwilligersregeling voor de loonbelasting. Het UWV heeft de mogelijkheid om ook in andere gevallen vrijwilligerswerk toe te staan, mits dit niet leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.