05-03-2019

Verlaging prijs aandelen onzakelijk

Wanneer je de aandelen in je BV, in het kader van de bedrijfsoverdracht, verkoopt aan je zoon of dochter, moeten die aandelen worden gewaardeerd. Voor het verschil tussen de overdrachtsprijs en de (fiscale) verkrijgingsprijs ontstaat een vervreemdingsvoordeel waarover je inkomstenbelasting betaalt (box 2, inkomen uit aanmerkelijk belang).

Aanpassing overdrachtsprijs

Maar wat als de overdrachtsprijs achteraf niet juist blijkt te zijn vastgesteld? Daarin voorziet artikel 4.29 van de Wet IB 2001. Als de overdrachtsprijs wordt verhoogd, wordt het verschil aangemerkt als (extra) vervreemdingsvoordeel. Wordt de overdrachtsprijs verlaagd, dan ontstaat een negatief vervreemdingsvoordeel (een verlies uit aanmerkelijk belang).

Onzakelijk?

De Rechtbank Gelderland heeft beslist in een zaak waarin een dergelijk verlies aanmerkelijk belang wordt geclaimd. Vader heeft 100% van de aandelen in zijn BV in 2005 voor € 1,25 miljoen verkocht aan zijn zoon. Over het aanmerkelijk belangvoordeel heeft vader inkomstenbelasting betaald. In 2014 komen vader en zoon overeen dat de koopsom wordt verlaagd naar € 1 miljoen. Vader claimt in verband daarmee in zijn aangifte inkomstenbelasting 2014 een verlies in box 2 van € 250.000.

De Belastingdienst stelt dat de verlaging van de koopsom voortvloeit uit de familierelatie. Zakelijk handelende derden zouden deze verlaging niet zijn overeengekomen. De koopsom is in 2005 vastgesteld door een registeraccountant en destijds  afgestemd met de Belastingdienst. Het is daarom onwaarschijnlijk dat deze koopsom niet juist is vastgesteld. Vader en zoon stellen dat destijds is gedwaald over de waardering van de pensioenverplichting, maar dat acht de rechtbank niet waarschijnlijk.

Het lijkt er op dat vader en  zoon in deze zaak de op hen rustende bewijslast hebben onderschat. Ze hebben niet meer geproduceerd dan een addendum op de koopovereenkomst. Er is niet een nadere berekening van de koopsom en er zijn geen verdere stukken uitgewisseld. Ter zitting hebben ze aangegeven dat de verlaging van de koopsom berust op een schatting. Het spreekt voor zich dat, in zakelijke verhoudingen, de omstandigheid dat het na de overname minder goed is gegaan met de ondernemingsactiviteiten van de overgenomen BV, geen valide argument is voor de verlaging van de koopsom.

Doorschuiven

Het is mogelijk om het vervreemdingsvoordeel in het kader van het aanmerkelijk belang door te schuiven. Dat kan echter alleen indien en voor zover de aandelen worden geschonken (of de koopsom wordt kwijtgescholden).

Belangrijkste voorwaarde is dat de BV (in)direct een materiële onderneming drijft. Als de BV slechts deels een materiële onderneming drijft, mag je het vervreemdingsvoordeel alleen voor dat gedeelte doorschuiven. Een andere voorwaarde is dat de verkrijger gedurende de 36 maanden voorafgaand aan de schenking in dienstbetrekking is bij de BV waarvan de aandelen worden geschonken.

Doorschuiven betekent dat de vervreemder geen inkomstenbelasting betaalt over vervreemdingsvoordeel. De verkrijger moet dan verder met de fiscale verkrijgingsprijs van de aandelen zoals die gold voor de vervreemder.