07-12-2018

Ruimere overbrugging transitievergoeding kleine werkgevers

Werknemers die door hun werkgever ontslagen worden, hebben recht op de transitievergoeding. Naast de al eerder aangekondigde verhoging en wijziging van de transitievergoeding wordt nu de overbruggingsregeling transitievergoeding voor kleine werkgevers verruimd. Dit meldt Minister Koolmees, naar aanleiding van een evaluatie van de regeling, in een brief aan de Kamer.

Overbruggingsregeling

Op grond van de overbruggingsregeling wordt bij de berekening van de transitievergoeding de arbeidstijd van de werknemer vóór 1 mei 2013 buiten beschouwing gelaten. De regeling staat in artikel 673d van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Wie kan een beroep doen op deze regeling? Werkgevers met:

  • gemiddeld minder dan 25 werknemers;
  • die worden ontslagen op grond van bedrijfseconomische omstandigheden;
  • welke omstandigheden het gevolg zijn van de slechte financiële situatie in de onderneming van de werkgever.

Op grond van artikel 8 van de Regeling UWV Ontslagprocedure kan de werkgever het UWV vragen om te oordelen over de toepasselijkheid van de overbruggingsregeling.

Ontslagregeling

Deze voorwaarden zijn uitgewerkt in de Ontslagregeling. Voor het aantal werknemers wordt gekeken naar de periode van 1 juli tot en met 31 december van het jaar voordat de ontslagaanvraag is ingediend.

Payrollwerknemers en werknemers die aan de werkgever ter beschikking zijn gesteld worden meegerekend. Wanneer de werkgever deel uitmaakt van een groep, tellen ook de werknemers van de groep mee.

Slechte financiële situatie

De voorwaarden, die aan de slechte financiële situatie worden gesteld, zijn zeer strikt:

  • het netto resultaat van de onderneming van de werkgever over het boekjaar van ontslag en de twee voorgaande boekjaren moet kleiner zijn geweest dan nul (verlies);
  • het eigen vermogen aan het einde van het boekjaar van ontslag moet negatief zijn;
  • de waarde van de vlottende activa moet kleiner zijn dan de schulden met een resterende looptijd van ten hoogste één jaar.

Verruiming

Uit de evaluatie blijkt dat deze criteria zo streng zijn, dat de overbruggingsregeling in de praktijk weinig effectief is. Dat leidt ertoe dat de regeling meestal pas kan worden toegepast wanneer het faillissement van de werkgever onafwendbaar is. Bij een faillissement verliezen alle werknemers hun baan en ontvangen zij helemaal geen transitievergoeding.

De verruiming van het eerste criterium houdt in dat wordt gekeken naar het gemiddelde resultaat over de 3 boekjaren samen. Dit gemiddelde resultaat moet negatief zijn. Een jaar met een klein positief resultaat hoeft dan aan de toepassing van de overbruggingsregeling niet meer in de weg te staan.

Het solvabiliteitscriterium wordt verruimd door in plaats van een negatief eigen vermogen een solvabiliteit van 15% te eisen. De solvabiliteit van een financieel gezonde onderneming ligt, aldus de Minister, tussen 25% en 40%.

De verruiming gaat in per 1 januari 2019. De overbruggingsregeling vervalt op 1 januari 2020.