Select Page

Omkering bewijslast door ontbrekend vinkje

De Hoge Raad heeft beslist dat het niet beantwoorden van een vraag in een aangiftebiljet in de regel voldoende is voor omkering van de bewijslast.

Omkering bewijslast

Een belastingplichtige die niet de vereiste aangifte indient, loopt aan tegen omkering van de bewijslast. Dat betekent dat de belastingplichtige moet bewijzen dat een door de Belastingdienst opgelegde aanslag onjuist is. Dat betekent dat deze belastingplichtige, om in sporttermen te spreken, met (tenminste) 0-1 achter staat.

Vinkje

Het ging in de zaak waarover de Hoge Raad oordeelde over het antwoord op de vraag of belastingplichtige betrokken was bij een trust of een ander doelvermogen. Als dat het geval is, moet het hokje bij die vraag worden aangevinkt en moet de naam van het doelvermogen worden vermeld.

De hoofdregel is, aldus de belastingrechter, dat het onjuist of niet beantwoorden van een (of meer) vraag(vragen) in het aangiftebiljet leidt tot de conclusie dat niet de door de wet vereiste aangifte is gedaan (of in de wettelijke termijnen: niet duidelijk, stellig en zonder voorbehoud aangifte is gedaan). Daarvoor is niet vereist dat de volgens de aangifte verschuldigde belasting aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting.

Natuurlijk is het niet zo dat elke (kleine) vergissing in een aangiftebiljet meteen leidt tot omkering van de bewijslast. De Hoge Raad concludeert, net als het Hof, dat het de belastingplichtige in deze casus overduidelijk had moeten zijn dat de vraag over het doelvermogen aangekruist had moeten worden. Hij was lid van de board of directors van een naar Panamees recht opgerichte foundation en had in het betreffende jaar uit die foundation twee keer een uitkering van € 2.600 ontvangen, die hij niet in zijn aangifte inkomstenbelasting had vermeld. De Hoge Raad concludeert dat de inkomstenbelasting over deze uitkeringen terecht door de Belastingdienst is nagevorderd.

Andere artikelen