Geboren 1-5-2016: de DBA

DBA geboren VAR VWGNijhof

De afkorting DBA staat voor Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties en is de naam van de wet die heeft gezorgd voor afschaffing van de VAR (Verklaring ArbeidsRelatie).

DBA is geboren

Met een klein Koninklijk Besluitje, dat op 28 april 2016 in de Staatscourant is gepubliceerd, is de ingangsdatum van de Wet DBA definitief op 1 mei 2016 bepaald. We kunnen daarom melden dat de DBA gisteren definitief geboren is. Dat niet iedereen heel blij is met de nieuwe wet blijkt wel uit het grote aantal (Kamer)vragen dat er over is gesteld en beantwoord. Bij al die antwoorden blijven de bewindslieden, in de meeste gevallen Staatssecretaris van Financiën Wiebes, stug volhouden dat er eigenlijk weinig is veranderd. Sterker nog, we zouden er met de invoering van de Wet DBA op vooruit gaan.

Overigens wordt de wet wel van kracht op 1 mei 2016, maar met een ruimte gewenningsperiode. Pas met ingang van 1 mei 2017 gaat de Belastingdienst de nieuwe regels actief handhaven. Wie het voor 1 mei 2017 niet te bont maakt, zou dan ook nog niet tegen problemen aan moeten lopen.

Geen zinloze scherpslijperij

We schreven al een aantal keren over de invoering van de Wet DBA, voor het laatst in het artikel The ending story of the VAR. Graag verwijzen we voor de inhoud van de nieuwe regeling naar deze artikelen. Een aantal passages uit de laatste antwoorden van Wiebes op vragen van Tweede Kamerlid Omtzigt (CDA) willen we u niet onthouden.

Op de vraag hoe precies partijen zich aan de (model)contracten moeten houden, antwoordt Wiebes dat een kleine incidentele afwijking niet meteen tot het vervallen van de aan de goedkeuring van de Belastingdienst te ontlenen zekerheid in de weg staat. Het gaat dan om een afwijking van de in de modellen met geel gemarkeerde fiscaal relevante bepalingen. Van andere bepalingen mag zonder meer worden afgeweken. Wiebes geeft een (naar onze mening erg voor de hand liggend) voorbeeld: “Er is bijvoorbeeld sprake van een kleine incidentele afwijking als de opdrachtnemer een stuk gereedschap thuis laat liggen en die dag een stuk gereedschap van zijn opdrachtgever gebruikt.”. Hij vervolgt met: “Net zoals op andere deelterreinen van de fiscaliteit beoordeelt de Belastingdienst de situatie naar redelijkheid en zonder zinloze scherpslijperij.”. Wij zijn benieuwd hoe de belastingrechter dit in zijn beoordelingen mee zal nemen.

Toezicht

Over de (concrete) invulling van het toezicht op de naleving van de Wet DBA door de Belastingdienst doet Wiebes geen uitspraken. Hij wijst enkel op de diverse controlemogelijkheden die de Belastingdienst ten dienste staan, zoals waarneming ter plaatse. Ook hier schrijft hij: “Als de aangetroffen situatie in redelijkheid in overeenstemming is met de gebruikte modelovereenkomst zal de Belastingdienst zijn onderzoek afronden.”. Verder benadrukt Wiebes dat de beoordeling van arbeidsrelaties voor de Belastingdienst iets is wat al decennia tot haar taken behoort.

Aanwijzingen

Factoren die een aanwijzing kunnen vormen voor het bestaan van een dienstbetrekking moeten in hun onderlinge samenhang worden beoordeeld. Voor een aantal factoren geeft Wiebes een indicatie:

  • deelname aan de pensioenvoorziening en de AO-verzekering van de opdrachtgever zijn factoren die sterk wijzen in de richting van een dienstbetrekking;
  • verstrekken of vergoeden van een opleiding of cursus vormt een sterke aanwijzing van een dienstbetrekking;
  • deelname aan vergaderingen bij de opdrachtgever kan een aanwijzing vormen dat de ZZP-er feitelijk binnen het organisatorische kader van het bedrijf van de opdrachtgever werkt;
  • beschikbaar stellen van bedrijfskleding door de opdrachtgever kan een aanwijzing zijn voor het bestaan van een dienstbetrekking;
  • beschikbaar stellen van veiligheidsmiddelen door de opdrachtgever hoeft geen aanwijzing te zijn voor het bestaan van een dienstbetrekking;
  • beschikbaar stellen van een kantoorwerkplek door de opdrachtgever zal doorgaans geen aanwijzing zijn voor het bestaan van een dienstbetrekking.

Risico’s

De focus in de discussie rond de invoering van de Wet DBA lijkt zich nu te richten op de ZZP-er. Wiebes benadrukt dat de positie van de ZZP-er niet verslechtert. Sterker nog, de ZZP-er loopt volgens Wiebes minder risico als hij werkt met een modelovereenkomst dan wanneer hij werkt met een VAR.

Dat mag wel zo zijn, de risico’s voor de ondernemer die ZZP-ers inzet worden wel degelijk fors groter. De tijd zal leren hoe de Belastingdienst de Wet DBA in de praktijk daadwerkelijk gaat handhaven en in hoeverre scherpslijperij daarbij echt achterwege zal blijven.
Ondernemers doen er verstandig aan om de aan de ingehuurde arbeid verbonden risico’s binnen hun onderneming (opnieuw) in kaart te brengen en daarbij het inhuren van ZZP-ers af te wegen tegen de alternatieven. Uiteraard zijn de adviseurs van VWGNijhof hier graag bij van dienst. De gewenningsperiode van 1 jaar kan daarbij goed van pas komen.

Andere artikelen

Afbetaling coronaschulden

Met ingang van oktober 2022 moeten ondernemers hun coronaschulden aflossen aan de Belastingdienst. We zetten de regels die daarbij gelden voor je...

Restwaarde leasefiets

De Staatssecretaris van Financiën heeft in een besluit een goedkeuring gegeven voor de bepaling van de restwaarde van een “leasefiets”.

De belastingplannen voor 2023

Welke belangrijke fiscale voorstellen kwamen op Prinsjesdag 2022 uit het koffertje van minister Kaag van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste voor...