01-10-2019

Forfaitaire rendementen box III voor 2020

In de Kamerbrief Fiscale moties en toezeggingen van 17 september 2019 heeft de Staatssecretaris van Financien de forfaitaire rendementen voor box III in 2020 bekend gemaakt. Deze forfaitaire rendementen zijn een fractie lager dan in 2019.

Box III

In box III van de inkomstenbelasting wordt belast het inkomen uit sparen en beleggen. Dat inkomen wordt voor 2020 bepaald op basis van het saldo van de bezittingen en schulden in box III op 1 januari 2020 (de rendementsgrondslag). Niet het daadwerkelijk behaalde rendement wordt belast. Het inkomen wordt forfaitair bepaald.

Op de rendementsgrondslag mag het heffingvrij vermogen in mindering worden gebracht. Deze aftrek bedraagt in 2020: € 30.846 (2019: € 30.360).

De wegingsfactoren wijzigen niet:

  • van de heffingsgrondslag tot € 72.797 wordt toegerekend aan klasse I 67% en aan klasse II 33%;
  • van de grondslag tussen € 72.797 en € 932.775 wordt toegerekend aan klasse I 21% en aan klasse II 79%;
  • de grondslag boven € 932.775 wordt voor 100% toegerekend aan klasse II.

Rendementen

Voor de forfaitaire rendementen worden 2 rendementsklassen gehanteerd. Rendementsklasse I betreft het gemiddelde spaarrendement. Dat wordt voor 2020 vastgesteld op: 0,06% (2019: 0,13%. Rendementsklasse II betreft het gemiddelde rendement op andere beleggingen. Dit rendement wordt voor 2020 vastgesteld op 5,33% (2019: 5,6%).

De forfaitaire rendementen in box III komen daarmee in 2020 neer op:

  • tot € 30.846: vrijgesteld;
  • € 30.846 tot € 103.643: 1,8% (2019: 1,94%);
  • € 103.643 tot € 1.036.418: 4,22% (2019: 4,45%);
  • boven € 1.036.418: 5,33% (2019: 5,6%).

Box III 2.0

Inmiddels heeft het Kabinet aangekondigd welke maatregelen worden overwogen om het inkomen in box III meer in overeenstemming te brengen met het daadwerkelijk behaalde rendement. De nieuwe regels moeten ingaan in 2022. Zie onze artikelen Beleggers betalen fors meer in nieuwe box III en Spaargeld tot € 440.000 belastingvrij.