16-09-2020

De belastingplannen voor 2021

Gisteren was het Prinsjesdag en zijn de belastingplannen voor 2021 door het kabinet bekend gemaakt. In dit artikel beschrijven wij kort de op het eerste gezicht meest interessante onderdelen.

Inkomstenbelasting box 1

In 2021 daalt het belastingtarief voor de eerste schijf van 37,35% naar 37,10% (de eerste schijf omvat het belastbaar inkomen tot en met €68.507). De komende jaren wordt het tarief in de eerste schijf verlaagd tot 37,03%. Het toptarief van 49,50% blijft gelijk.

 

Percentage aftrekposten verlaagd

Bepaalde aftrekposten, zoals de hypotheekrenteaftrek, ondernemersaftrek, MKB-winstvrijstelling en de terbeschikkingstellings-vrijstelling, zijn vanaf 2021 aftrekbaar tegen maximaal 43% in plaats van 46% in 2020.

 

Verlaging zelfstandigenaftrek

De komende jaren wordt de zelfstandenaftrek versneld afgebouwd met €360 per jaar om zo het verschil in belastingheffing tussen werknemers en zelfstandigen te verkleinen. Ondernemers worden gecompenseerd door een verhoging van de arbeidskorting (van €3.819 naar €4.205 in 2021) en de verlaging van het basistarief in box 1. Deze maatregelen gelden overigens ook voor werknemers.

 

Inkomstenbelasting box 2

Het belastingtarief in box 2 stijgt volgend jaar van 26,25% naar 26,9%.

 

Inkomstenbelasting box 3

De vermogensrendementsheffing in box 3 wordt verlaagd. Hierdoor daalt met name de belastingdruk op kleinere vermogens in box 3.

  • Per 2021 wordt het heffingsvrij vermogen in box 3 verhoogd van €30.846 naar €50.000.
  • Voor partners stijgt het heffingsvrij vermogen van €61.692 naar €100.000.
  • De tariefschijven worden opnieuw vastgesteld. De tweede schijf begint bij een vermogen in box 3 van €100.000, de derde schijf begint bij een vermogen van €1.000.000.
  • Het belastingtarief in box 3 wordt verhoogd van 30% naar 31%.

Vennootschapsbelasting

De voorgenomen verlaging van het toptarief in de vennootschapsbelasting vindt geen doorgang, het tarief blijft 25%. Het lage tarief wordt wel verlaagd van 16,5% naar 15%. Dit lage belastingtarief geldt vanaf 2021 voor winsten tot €245.000. Vanaf 2022 wordt dit bedrag verhoogd tot €395.000. De lasten voor de mkb-ondernemer worden hierdoor verlaagd.

 

Fiscale coronareserve

Bij het bepalen van de winst die in 2019 is genoten, kan een fiscale coronareserve worden gevormd voor het te verwachten verlies in 2020 dat coronagerelateerd is. De coronareserve mag de gemaakte winst in 2019 niet overstijgen en dient in het jaar na het jaar waarin de reserve is gevormd, volledig in de winst te worden opgenomen. Hierdoor kan een liquiditeitsvoordeel ontstaan.

 

Overdrachtsbelasting

Met ingang van 1 januari 2021 zijn starters geen overdrachtsbelasting meer verschuldigd voor de aankoop van een woning die als hoofdverblijf gaat dienen. Aan de vrijstelling zijn een aantal voorwaarden verbonden. Zo moet de starter tussen de 18 en 35 jaar oud zijn. Ook mag de starter de vrijstelling slechts één keer gebruiken. Voor doorstromers geldt een tarief van 2%. Voor alle overige verkrijgingen wordt het tarief vanaf 1 januari 2021 verhoogd naar 8%. Dit tarief geldt voor de verkrijging van een woning die niet als hoofdverblijf dient, bijvoorbeeld een vakantiewoning, bedrijfspand of beleggingspand.

 

Vrije ruimte werkkostenregeling (WKR)

Dit jaar is de vrije ruimte voor de werkkostenregeling over de eerste €400.000 van de fiscale loonsom verhoogd naar 3%. Dit geldt alleen in 2020. Vanaf 1 januari 2021 wordt de vrije ruimte weer beperkt tot 1,7% over de eerste €400.000 van de fiscale loonsom.

 

Bijtelling elektrische auto

De bijtelling voor het privégebruik van elektrische auto’s wordt stapsgewijs verhoogd. Per 1 januari 2021 bedraagt de bijtelling 12% (in 2020 bedraagt de bijtelling 8%) over maximaal €40.000 (in 2020 €45.000). Indien de cataloguswaarde hoger is dan €40.000 is op het meerdere de gebruikelijke bijtelling van 22% van toepassing. Deze korting over maximaal €40.000 geldt niet voor zonnecelauto’s. Dit zijn auto’s die door geïntegreerde zonnepanelen worden aangedreven. Voor deze auto’s geldt dus altijd een tarief van 12%. Het kabinet beoogt hiermee vooruit te lopen op de ontwikkelingen van de automarkt.