28-04-2020

Bijzonder uitstel van betaling (update 28 april 2020)

Sinds we op 14 maart 2020 ons artikel over het bijzonder uitstel van betaling voor belastingen in verband met de coronacrisis schreven, is er over dit onderwerp heel wat gezegd en geschreven. Een goede reden om in dit nieuwe artikel de actuele situatie op een rij te zetten.

Dit artikel is een update van een eerdere versie. In deze versie wordt de regeling beschreven naar wat er over bekend is per 28 april 2020. Verwerkt is de informatie uit de actualisering van het Besluit noodmaatregelen coronacrisis van 22 april 2020, nr. 2020-8499 (de informatie over uitstel van betaling vind je in onderdeel 11 van dit besluit).

Ondernemer

De regeling richt zich tot de ondernemer. Niet-ondernemers zullen daarom geen gebruik van het bijzonder uitstel van betaling kunnen maken. Eventueel uiteraard wel van regulier uitstel van betaling.

Vennootschaps- en omzetbelasting zijn alleen door ondernemers verschuldigd.

Werknemers kunnen ook in dienst zijn bij een werkgever, die geen ondernemer is. Een voorbeeld is de werknemer van een stichting of vereniging, die niet een onderneming uitoefent. Aannemelijk is dat de regeling ook geldt voor de loonbelasting die moet worden afgedragen door een werkgever die geen ondernemer is.

Voor de inkomstenbelasting is alleen ondernemer degene die in zijn aangifte winst uit onderneming aangeeft. Dat is de exploitant van een eenmanszaak, de maat in een maatschap en de vennootschap in een vennootschap onder firma.

Anderen zullen voor de inkomstenbelasting waarschijnlijk geen beroep kunnen doen op het bijzonder uitstel van betaling. Onder hen de directeur-grootaandeelhouder (DGA), die fiscaal immers niet wordt gezien als ondernemer, maar als werknemer. Ook geen ondernemers zijn de ZZP-ers van wie het inkomen niet als wint uit onderneming maar als resultaat uit overige werkzaamheden wordt belast (maar wellicht wordt voor deze ZZP-ers aangesloten bij hun ondernemerschap voor de BTW).

Briefje of digitaal

Het bijzonder uitstel van betaling wordt verleend naar aanleiding van:

  1. een briefje aan de Belastingdienst waarin daar om wordt verzocht (dit briefje moet worden gestuurd naar: Belastingdienst Postbus 100 6400 AC Heerlen).Bij het briefje hoeft GEEN deskundigenverklaring te worden gevoegd.
  2. digitaal via de website van de Belastingdienst (daarvoor log je in met je DigiD; rechtspersonen moeten de DigiD van een werknemer gebruiken).

Sinds 2 april 2020 volstaat het om 1 keer een verzoek om uitstel van betaling in te dienen. De Belastingdienst verleent dan automatisch voor 3 maanden uitstel van betaling voor alle soorten openstaande belastingschulden en voor alle nieuwe belastingschulden in deze periode.

Wanneer start de uitstelperiode?

De 3 maanden gaan lopen op de datum van de dagtekening van het verzoek om uitstel van betaling.

Voorbeeld: je hebt je loonheffingen op de aangifte februari 2020 niet betaalt. Op 21 april 2020 ontvang je hiervoor de naheffingsaanslag, die uiterlijk op 5 mei 2020 moet zijn betaald. Je dient met dagtekening 1 mei 2020 het verzoek om uitstel van betaling in. Dan wordt het uitstel verleend tot 1 augustus 2020.

Deze uitsteltermijn geldt voor alle volgende aanslagen.

Voorbeeld: je betaalt ook de loonheffingen op de aangifte maart 2020 niet. Daarvoor ontvang je de naheffingsaanslag op 21 mei 2020. Je hoeft dan niet opnieuw een verzoek om bijzonder uitstel van betaling te doen; dat is reeds verleend naar aanleiding van je op 1 mei 2020 ingediende verzoek. Het uitstel van betaling voor de naheffingsaanslag loonheffingen over maart 2020 loopt dan, net als voor februari 2020, tot 1 augustus 2020.

Voor welke belastingen?

Het tijdelijk versoepelde beleid geldt voor de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting (BTW) en loonbelasting. Met ingang van de week van 6 april 2020 geldt het ook voor de kansspelbelasting, assurantiebelasting, verhuurderheffing, milieubelastingen, accijns en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken. Voor douanerechten kan een verzoek om uitstel van betaling worden ingediend bij de Belastingdienst/douane.

Aanslag

Uitstel van betaling kan pas worden aangevraagd zodra de verschuldigde belasting is geformaliseerd in een (naheffings)aanslag. Het uitstel van betaling wordt niet verleend naar aanleiding van het indienen van de aangifte loon- en/of omzetbelasting. Je kunt direct nadat je de aangifte loon- en/of omzetbelasting hebt ingediend wel verzoeken om uitstel van betaling, maar dat verzoek zal dan niet worden gehonoreerd.

Nadat de Belastingdienst je het bijzonder uitstel van betaling heeft verleend, blijft de Belastingdienst voor de op nieuwe aangiften verschuldigde belasting (naheffings)aanslagen opleggen. Op die manier wordt immers de belastingschuld geformaliseerd. Voor die (naheffings)aanslagen hoef je dan niet opnieuw om uitstel van betaling te vragen.

Langer uitstel

Wil je uitstel voor de periode na het verstrijken van 3 maanden? Dan moet je daarvoor een aanvullend verzoek doen. In dat geval toetst de Belastingdienst of is voldaan aan de volgende voorwaarden:

  1. de bestaande betalingsproblemen maken langer uitstel noodzakelijk;
  2. deze betalingsproblemen zijn hoofdzakelijk door de coronacrisis ontstaan;
  3. er is voor de belastingschuld waarvoor het uitstel wordt gevraagd voldaan aan de aangifteplicht;
  4. het verzoek heeft betrekking op één of meer van de hiervoor genoemde belastingen;
  5. als de totale belastingschuld waarvoor het aanvullend uitstel wordt gevraagd  meer bedraagt dan € 20.000, is een verklaring van een derde-deskundige vereist (zie hierna).

Zorg er, als je voorziet dat je langer uitstel van betaling nodig hebt, in de eerste drie maanden voor dat je de benodigde informatie verzamelt. Uiteraard helpt VWG je daarbij graag.

Tijdelijk

Het verlengde bijzonder uitstel van betaling is tijdelijk. De Belastingdienst zal het intrekken zodra de omstandigheden dit mogelijk maken, bijvoorbeeld als het kabinet de beperkingen opheft voor de branche waarin de ondernemer actief is.

Voordat het uitstel wordt ingetrokken, krijgt de ondernemer de gelegenheid om een passende betalingsregeling af te sluiten. Deze betalingsregeling is niet gebonden aan een maximumtermijn of aan andere eisen die in het reguliere uitstelbeleid worden gesteld.

Lopende het uitstel kan de Belastingdienst om tussentijdse aflossing verzoeken, als de liquiditeitspositie van de ondernemer dit toelaat.

Verklaring derde-deskundige

De verklaring van de derde-deskundige moet (in elk geval) de volgende elementen bevatten:

  • dat aannemelijk is dat sprake van werkelijke betalingsproblemen op het moment van het verzoek om uitstel of, naar verwachting, op korte termijn daarna (bij “korte termijn” wordt gedacht aan de periode waarin de actuele beperkingen van het kabinet ten aanzien van de ondernemer gelden; bijvoorbeeld de sluiting van de horeca, sportaccommodaties en kinderopvang, alsmede het verbod op evenementen);
  • dat aannemelijk is dat deze betalingsproblemen hoofdzakelijk door de coronacrisis zijn ontstaan;
  • een liquiditeitsprognose die volgens de derde-deskundige plausibel is (opgesteld op basis van de feiten en omstandigheden die op het moment van het indienen van het verzoek bekend zijn).

In een toelichting geeft de derde-deskundige aan welke documenten en gegevens door de ondernemer zijn verstrekt. De verklaring hoeft niet een zogenoemde assuranceverklaring te zijn.

Geen verrekening

Gedurende de periode waarin bijzonder uitstel van betaling wordt verleend, verrekent de Belastingdienst belastingteruggaven niet met belastingschulden waarvoor uitstel van betaling is verleend. De ondernemer kan uiteraard wel om verrekening verzoeken.

Boete

Het opleggen van deze naheffingsaanslagen is een volledig geautomatiseerd proces. Zodra de computer van de Belastingdienst constateert dat een ingediende aangifte niet of niet volledig is betaald, volgt vanzelf een naheffingsaanslag.

In deze naheffingsaanslag wordt een verzuimboete begrepen op grond van het feit dat niet (of niet volledig) is betaald. Toegezegd is dat ambtshalve wordt geregeld dat deze boeten komen te vervallen. Het kan echter geen kwaad om in de brief waar je om bijzonder uitstel van betaling voor de naheffingsaanslag vraagt ook formeel bezwaar te maken tegen de opgelegde verzuimboete.

Accountant/(belasting)adviseur

Je accountant en/of (belastingaviseur ontvangt naheffingsaanslagen loon- en omzetbelasting niet rechtstreeks (elektronisch) van de Belastingdienst. Stuur deze aanslagen daarom direct na ontvangst door naar je accountant en/of (belasting)adviseur.

Ook de overige correspondentie over het (bijzonder) uitstel van betaling wordt hoogstwaarschijnlijk niet naar je accountant en/of (belasting)adviseur gestuurd. Stuur ook die informatie zo snel mogelijk door.

Aanslagen inkomsten- en vennootschapsbelasting ontvangt je accountant en/of (belasting)adviseur wel rechtstreeks, maar enkel als je daarvoor jouw toestemming hebt gegeven.