{"id":826,"date":"2019-09-09T07:06:09","date_gmt":"2019-09-09T05:06:09","guid":{"rendered":"https:\/\/vwg.nl\/uncategorized\/spaargeld-tot-e-440-000-belastingvrij\/"},"modified":"2026-03-03T10:33:36","modified_gmt":"2026-03-03T09:33:36","slug":"spaargeld-tot-e-440-000-belastingvrij","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/vwg.nl\/en\/spaargeld-tot-e-440-000-belastingvrij\/","title":{"rendered":"Spaargeld tot \u20ac 440.000 belastingvrij"},"content":{"rendered":"<p><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" class=\"alignnone size-full wp-image-7136\" src=\"https:\/\/vwg.nl\/wp-content\/uploads\/20190909_box-3.jpg\" alt=\"\" width=\"1200\" height=\"628\" \/><\/p>\n<p>Staatssecretaris Snel van Financi\u00ebn heeft in een <a href=\"https:\/\/zoek.officielebekendmakingen.nl\/kst-897864\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">letter<\/a> aan de Kamer zijn idee\u00ebn over de aanpassingen voor de heffing van inkomstenbelasting over inkomen uit sparen en beleggen (box 3) bekend gemaakt. Die zouden per 1 januari 2022 in moeten gaan.<\/p>\n<p><span style=\"color: #ff0000;\"><strong>Op 23 juni 2020 heeft Staatssecretaris Vijlbrief van Financi\u00ebn in de Tweede Kamer gemeld dat de in dit artikel beschreven plannen niet doorgaan. Op welke wijze de heffing in box 3 wel wordt aangepast, is nog niet duidelijk.<\/strong><\/span><\/p>\n<h4>\u20ac 440.000 belastingvrij<\/h4>\n<p>Dat is de essentie van de kop die eind vorige week in veel nieuwsberichten verscheen. En dat is ook juist voor iemand van wie het inkomen uit sparen en beleggen alleen bestaat uit rente op spaartegoeden. Voor fiscaal partners is dan ook nog het dubbele bedrag vrijgesteld: \u20ac 880.000.<\/p>\n<p>Mensen die hun spaargeld voornamelijk beleggen, gaan in de plannen van Snel echter fors meer inkomstenbelasting betalen. Hetzelfde geldt ten aanzien van beleggers in vastgoed, zeker wanneer dit vastgoed (deels) met leningen is gefinancierd.<\/p>\n<h4>Het nieuwe systeem<\/h4>\n<p>In de voorgestelde regeling worden de volgende stappen ondernomen om te komen tot de te betalen inkomstenbelasting:<\/p>\n<ol>\n<li>eerst wordt bepaald of het saldo van de bezittingen en schulden meer bedraagt dan het heffingvrije vermogen (het heffingvrije vermogen bedraagt per fiscaal partner ongeveer \u20ac 30.000);<\/li>\n<li>als dat het geval is, wordt gekeken welk deel van het vermogen bestaat uit <strong>savings<\/strong>;<\/li>\n<li>al het bezit dat geen spaargeld is, wordt als <strong>other properties<\/strong> aangemerkt;<\/li>\n<li>tot slot wordt gekeken hoe hoog het bedrag van de <strong>debts<\/strong> is.<\/li>\n<\/ol>\n<p>Het inkomen wordt bepaald door aan elk van deze vermogenscategorie\u00ebn een forfaitair percentage te hangen. Deze forfaitaire percentages worden jaarlijks gebaseerd op recente daadwerkelijke rendementen. Uitgaande van het jaar 2020 zouden deze forfaits neerkomen op (de definitieve percentages voor 2022 worden eind 2021 vastgesteld):<\/p>\n<table style=\"width: 100%; border-collapse: collapse;\" border=\"1\">\n<tbody>\n<tr>\n<td style=\"width: 50%;\">Spaarsaldi<\/td>\n<td style=\"width: 50%;\">0,09%<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style=\"width: 50%;\">Other assets<\/td>\n<td style=\"width: 50%;\">5,33%<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td style=\"width: 50%;\">Debts<\/td>\n<td style=\"width: 50%;\">3,03%<\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<h4>Heffingvrij inkomen<\/h4>\n<p>Naast het heffingvrij vermogen (zie hierboven) wordt een heffingvrij inkomen ingevoerd. Op basis van de huidige cijfers wordt ingeschat dat het heffingvrij inkomen (ongeveer) \u20ac 400 zal bedragen.<\/p>\n<p>Een simpel rekensommetje leidt dan tot de \u20ac 440.000 aan belastingvrij spaarsaldo. Over \u20ac 440.000 aan spaarsaldo wordt een forfaitair rendement berekend van 0,09%. Dat komt neer op: 0,09% * \u20ac 440.000 = \u20ac 396 en dat valt keurig binnen de \u20ac 400 aan heffingvrij inkomen.<br \/>\nIn 2019 bedraagt het forfaitaire inkomen over \u20ac 440.000 aan vermogen in box 3 maar liefst: \u20ac 16.432<\/p>\n<p>Wanneer je de hele \u20ac 440.000 in box 3 belegt in effecten, kom je in de plannen van Snel heel anders uit. Dan bedraagt het forfaitair rendement: 5,33% * \u20ac 440.000 = \u20ac 23.452. Na aftrek van het heffingvrij inkomen resteert een belastbaar inkomen van \u20ac 23.052.<br \/>\nDat is duidelijk meer dan de \u20ac 16.432 aan inkomen dat in 2019 wordt berekend.<\/p>\n<p>Als je vermogen in box 3 bestaat uit \u20ac 440.000 aan vastgoed, dat je hebt gefinancierd met een lening van \u20ac 250.000, mag je van je inkomen aan rente aftrekken: 3,03% * \u20ac 250.000 = \u20ac 7.575. Je inkomen in box 3 bedraagt dan: \u20ac 23.452 -\/- \u20ac 7.575 = \u20ac 15.877 (na aftrek van het heffingvrij inkomen: \u20ac 15.477).<br \/>\nIn 2019 bedraagt het forfaitaire inkomen, dat wordt berekend over \u20ac 440.000 -\/- \u20ac 250.000 = \u20ac 190.000, slechts \u20ac 5.303.<\/p>\n<h4>Peildatumarbitrage<\/h4>\n<p>Het spreekt voor zich dat het geschetste systeem het wel eens interessant zou kunnen maken om tegen het einde van elk jaar vermogen om te zetten in spaartegoed. Ook de Staatssecretaris onderkent dit risico. Hij kondigt dan ook aan dat in de nieuwe wetgeving maatregelen worden verwerkt om deze peildatumarbitrage te voorkomen.<\/p>\n<h4>Hoger tarief<\/h4>\n<p>Om de plannen budgettair neutraal te kunnen invoeren, moet het tarief in box 3 ietsje omhoog. Op dit moment bedraagt dit tarief 30%. Vanaf 2022 betaal je over je inkomen uit sparen en beleggen 33% aan inkomstenbelasting.<\/p>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Staatssecretaris Snel van Financi\u00ebn heeft in een brief aan de Kamer zijn idee\u00ebn over de aanpassingen voor de heffing van inkomstenbelasting over inkomen uit sparen en beleggen (box 3) bekend gemaakt. Die zouden per 1 januari 2022 in moeten gaan. Op 23 juni 2020 heeft Staatssecretaris Vijlbrief van Financi\u00ebn in de Tweede Kamer gemeld dat [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_acf_changed":false,"footnotes":""},"categories":[1],"tags":[],"class_list":["post-826","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-uncategorized"],"acf":[],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/826","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=826"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/826\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":2838,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/826\/revisions\/2838"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=826"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=826"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/vwg.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=826"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}